“75% van de redenen waarom CDA en VVD het beleid willen, deelt hij niet. Hij stelde bij de komende presentatie van het akkoord met een volstrekt en totaal (!) ander verhaal te komen dan de VVD en het CDA. Hij raadde de collega’s aan om op dat moment maar een andere kant op te kijken en voorspelde dat de hoofden van de coalitiepartners rood zouden kleuren.” (Interne brief van Ab Klink (CDA), 1 september 2010, 2-3.)
Wat nu? We gaan in Nederland uit van volkssoevereiniteit waarin we trachten het algemeen belang te vinden. Dat houdt in dat het vasthouden aan alle partijwaarden gewoonweg onmogelijk is. Het sluiten van compromissen is hierin noodzakelijk. De enige vraag die je als partij continu moet stellen is welke waarden een No-Go zijn en waarin je wel onderhandelingsruimte wilt – en dus kunt – bieden. Wat hier in deze brief geschiedt, is het bepalen van die breekpunten.
Zojuist had ik een college over machtsverdeling, democratie en legaliteit. Hierin werd tevens de casus Wilders aangehaald en gingen we in op het begrip ‘Populisme’. Eén van de dingen die werd gesteld was dat populisme een kans is om buitengesloten groepen weer op te nemen in de politiek. Onze wetgevende processen zijn er op gericht dat er en 2/3 de meerderheid moet zijn om een wet er doorheen te krijgen. Aangezien wij een democratische rechtsstaat zijn – en we dus ons overheidsgezag en burgervrijheid ontlenen aan de grenzen van het recht – betekent dit ook dat er een kans aanwezig is dat een 1/3 minderheid geen ‘recht’ wordt gedaan. Tijdens het college werd hierin een vergelijking gemaakt met de opstand in Ierland waar de protestanten tientallen jaren de bestuurlijke macht hadden wiens beslissingen ook een representatie waren van de meerderheid in de Ierse samenleving: De protestanten. Hierin werd de katholieke gemeenschap enigszins ondergesneeuwd wat uiteindelijk tot onrust leidde. De vraag die ik mezelf stelde tijdens het college was of het beroep van Wilders op de wil van het volk inderdaad gaat leiden tot het vinden van een 100 % meerderheid, en dus een inclusie van de minderheid die zich zegt niet gehoord te voelen, of dat er een verschuiving zal plaatsvinden naar een andere groep die aan het kortste eind trekt? Hoe graag we het ook willen, is het eigenlijk wel mogelijk om iedereen te dienen?
Vervolgens lees ik op twitter over de onrust in het CDA die steeds ernstigere mate aanneemt en lijkt er precies te gebeuren wat ik al vermoedde. Namelijk dat er altijd een ‘zwakste’ schakel is, dat er altijd iemand is die net iets minder zijn zin kan krijgen dan dat men wenst. Hoe kun je dit voorkomen? Hoe kunnen we allemaal naar tevredenheid een regeerakkoord vinden dat een reflectie is van dat wat dan het algemeen belang wordt genoemd? In de basis betekent dit dat we allemaal moeten inleveren en dat we allemaal geloven dat de politiek oprecht tracht te doen waar ze voor bedoeld is: Het verzekeren van het welzijn van de burger. Hiervoor is het nodig dat men zich richt op dat wat hen bindt en niet op daar waar de verschillen zijn. Maar wat als inderdaad blijkt dat er écht onvoldoende binding is? Is dat een kwestie van door welke bril je kijkt of is er altijd overlapping te vinden? Wanneer zeg je even goede vrienden, maar ik denk dat hier onze wegen scheiden? En mag je dat wel zeggen als bestuurder van een land? Tot hoever moet je gaan om het te proberen? Ver vind ik. Heel ver. Zelfs zo ver dat je basiswaarden verloochent. De rust in de Nederlandse samenleving moet gewaarborgd blijven en nu de stekker er uit trekken maakt de ontevredenheid bij de minderheid van de samenleving die zich nu in de vorm van Wilders uitspreekt alleen maar groter. En misschien is het gewoon tijd dat er een verschuiving plaatsvindt in zij die tot de minderheid behoren? Dat zou statistisch gezien ook veel eerlijker zijn als het gaat om het waarborgen van het algemeen belang op de lange termijn. Mogelijk is het gewoon gezonde politieke conjunctuur dat het CDA er uit knalt en er een andere meerderheid zitting neemt? De vraag is echter of de macht wel aan Wilders is besteedt. Dat is tegelijkertijd het mooie en het enge aan volkssoevereiniteit. ‘Het volk’ spreekt zich uit en daar moeten ‘we’ als politiek naar luisteren. Of zij die gekozen zijn nu politiek vaardig genoeg zijn of niet. Ik ben er nog niet over uit wat Wilders betreft. Ik wil graag geloven dat de man het beste met het land voor heeft, maar als ik de zorgen van Ab Klink lees en de schets van de onderhandelingen, dan vraag ik me sterk af of Wilders bereid is om het algemeen belang te vinden. Het lijkt inderdaad op een verzet, hakken in het zand en niet toegeven. Ik kom voor mijn 1.5 miljoen kiezers op en de rest kan in de stront zakken. Geen ideale bestuurder als je het mij vraagt.
Kortom, ik vind het een lastige casus waarin ik mijn hart vasthoud omdat het een werkelijkheid is. Ik blijf dan maar geloven dat populisme á la Wilders volgens sommige theoretici een tijdelijk institutioneel verzet is. Nu afwachten of dat tijdelijke ook stopt met een oorlog zoals in de jaren ’30 of dat het vuurtje op een meer vreedzame manier dooft. Ook hoop ik dat de Nederlandse politiek het geluid van Wilders wel zodanig serieus neemt dat het tijd wordt om zijn achterban meer tegemoet te komen in politieke beslissingen. Anders is dit alles voor niets geweest.
Succes!
