Een klein maandje geleden had ik het genoegen geïnterviewd te mogen worden door @nilsrompen; Eén van onze aanstormende talenten van Fontys Hogeschool voor de Journalistiek. Voor een tijdschriftencatalogus opdracht nam hij het ‘Volkskrant’ interview bij me af. Dat was zo leuk, dat het wel een post op rebeccapol.nl waard was
Rebecca Pol (25) is de jongste fractievoorzitter van Tilburg. En dat terwijl ze dacht nooit de politiek in te gaan. “Mijn droom was om een eigen adviesbureau te beginnen, maar ik zag de onvrede tussen de mensen.”
1. Hoe gaat het met je?
“Goed. Ik ben net getrouwd met mijn man Rolf (Slotboom, bekend pokerspeler red.). Morgen op de kop af twee maanden. Hij woont in Amsterdam en ik woon in Tilburg, dat is wel even wennen, maar daar hebben we bewust voor gekozen. Op politiek gebied ben ik volle bak aan het werk. Ik werk graag door en vind leuk om goede dingen op te pakken.”
2. Wanneer ben je het gelukkigst?
“Als ik met vriendinnen lekker op de bank kan zitten met een glas wijn. Ik ben een sociaal dier en graag onder de mensen. Heerlijk om onderling verhalen uitwisselen en me daarnaast te concentreren op de stad.”
3. Wanneer ben je het ongelukkigst?
“Als ik mijn familie en vrienden niet kan zien. Ik kan soms te veel opgaan in mijn werk, dan heb ik de neiging mezelf te vergeten. Vaak laat ik dan bijvoorbeeld ook ‘s avonds het sporten schieten, terwijl ik weet dat ik dat zo nodig heb. Presteren gaat niet zonder ontspanning, maar die balans wil ik niet altijd goed vinden. Dat vind ik dan jammer, ik vergeet soms adem te halen.”
4. Wat is de beste beslissing in je leven geweest?
“Om een eigen partij (Partij voor Tilburg) op te zetten. Samen met een aantal anderen zo’n initiatief nemen is onwijs verfrissend. Een gevoel van thuis komen. Het is een heerlijke groep mensen met dezelfde politieke gedachtes als het gaat om de stijl van politiek en het afwijken van kleur en het ‘beter willen weten’ dan de rest. We moeten af van het te snel oordelen over mensen en met mensen het gesprek aangaan. Zo kom je tot oplossingen.”
5. Wat is de grootste fout in die in je leven hebt gemaakt?
“Geen. Ik vind wel veel dingen jammer. Zoals dat ik gestopt ben met volleybal. Omdat ik heel loyaal ben en het moeilijk vind om dingen half te doen, werd het steeds moeilijker om op niveau te presteren en de sport te combineren met een uitdagende studie, werk etc. Ik wil alles voor mijn team kunnen geven en doordat ik besloot in de politiek verder te gaan, heb ik hierin keuzes moeten maken. Daarin merk ik wel dat ik mezelf in een andere levensfase lijk te bevinden. Ook heb ik soms best wel wat twijfels over hoe ik dingen aanpak. Mijn studie staat bijvoorbeeld niet op één. Ik vind Tilburg belangrijker dan de studie. Maar echt een fout? Ja, ik heb wel een keer een politieke blunder gemaakt. Ik had een motie ingediend die niet klopte. Het allerergste is dat ik hem heb geprobeerd te verdedigen. Normaal zoek in dingen altijd goed uit, maar deze keer was daarin iets mis gegaan. Toen ben ik wel met een rood hoofd weggelopen.”
6. Van wie houd je het meest?
“Al mijn vrienden en familie. Ik kan niet één persoon uitlichten. Als ik er één uitlicht doe ik de anderen te kort. Mijn vader heeft wel een speciale plek. Hij is een voorbeeld voor mij. Hij heeft altijd hard gewerkt. Naast een heel gezin onderhouden buiten werktijden nog bijklussen zodat wij toch leuke kleren konden kopen en kunnen studeren. Ja, daar heb ik de meeste bewondering voor.”
7. Wat is je grootste aanschaf?
“Bij grote aanschaffen denk ik aan huizen en auto’s, en die heb ik niet. Wel heb ik een leuk huur appartement hier in Tilburg waarvoor de inboedel wel een behoorlijke aanschaf was, maar als ik echt moet kiezen dan kies ik voor mijn studie. Daar heb ik veel geld in geïnvesteerd.”
8. Wat is je grootste zonde?
“Haha. Ik ben eigenlijk heel braaf. Suf hè? Ik heb niet echt zondes geloof ik. Dat is ook lastig als je iemand bent die heel bewust leeft, over alles nadenkt, teveel nadenkt, dan komt impulsiviteit qua beslissen niet heel snel om de hoek kijken. Wel kan ik soms iets te snel in mijn oordeel zijn, maar ik geef mensen altijd een kans en durf mijn oordeel ook bij te stellen als dat nodig is.”
9. Wat doe je nu waarvan je ooit hebt gezegd dat zou ik nooit doen?
“De politiek in gaan! Wat een grap eigenlijk hè? Ik ben opgeroeid in een ander milieu, waar de visie was: Politiek is oneerlijk, een vies ding waar je jezelf verre van af moest houden. Dat neem je dan toch mee. Van huis uit kregen we mee: Je hebt in feite twee groepen mensen. De kantoormensen vs de bouwvakkers. In de praktijk liep ik daar ook wel tegen aan. De mensen die het beleid maken hebben vaak zelf niet direct iets te maken met de uitwerking van dat beleid zelf, die weten niet hoe het is om van een uitkering te leven of hoe een aanvraag voor huurtoeslag eigenlijk werkt. Die kloof tussen beleid en uitvoering is vaak lastig te overbruggen en daar zag ik veel onvrede over. Het was alsof sommigen elkaar gewoon niet lijken te verstaan. Of niet bereid zijn echt naar elkaar te luisteren. En daar wilde ik wat aan doen. Mijn droom was eigenlijk om een eigen adviesbureau te beginnen, maar door die onvrede wilde ik het veld in, in plaats van langs de zijlijn te blijven staan. Bewust betrokken zijn, overleggen met mensen en de kloof tussen beleid en uitvoeren dichten. In feite voel ik me een soort tolk tussen de politiek en de arbeiders.”
10. Wat is de zin van het leven?
“Open staan voor dingen. Door open te staan voor dingen krijg je de kans om alle mogelijkheden om van het leven te genieten daadwerkelijk te benutten.”